Waarmee kunt u bij ons terecht?

De endocrinologie behandelt problemen met de hypofyse, de bijnieren, de schildklier, de ovaria of eierstokken, de testikels (teelballen), de pancreas of alvleesklier en de bijschildklieren.

Veel voorkomende aandoeningen waarbij ons team u kan helpen zijn:

Hypofyse

De hypofyse (een kliertje van ongeveer 1cm diameter onderaan de hersenen in de schedelbasis) is een erg belangrijke endocriene klier omdat ze verschillende vitale hormonen produceert die de andere endocriene klieren (o.a.schildklier,bijnierschors,eierstokken en teelballen) controleren.  
Deze klier bestaat uit een voor- en een achterkwab.

De voorkwab scheidt o.a. adrenocorticotroop hormoon(ACTH), thyreotroop hormoon(TSH), follikelstimulerend hormoon(FSH), luteïniserend hormoon(LH), groeihormoon en prolactine af.
In de achterkwab worden het antidiuretisch hormoon(ADH) en het oxytocine opgeslagen.

Hypofysetumoren zijn meestal goedaardig. Ze kunnen wel groter worden en lokaal drukken op bijvoorbeeld de oogzenuw, waardoor het gezichtsvermogen wordt aangetast. Ze kunnen ook hoofdpijn veroorzaken.
Hypofysegezwellen kunnen een onaangepast grote hoeveelheid hormoon afscheiden.

Bij een prolactinoom wordt te veel melkhormoon of prolactine aangemaakt. Hierdoor kunnen bij vrouwen menstruele stoornissen en melkverlies t.h.v. de borsten ontstaan .
Bij mannen zie je meestal een daling van het testosteron.

Bij de ziekte van Cushing wordt er teveel ACTH geproduceerd, waardoor de bijnieren teveel cortisol aanmaken. Hierdoor ontstaat een hoge bloeddruk, botontkalking, zwaarlijvigheid met voornamelijk een grote hoeveelheid abdominaal vet ,mogelijks diabetes en een broze huid met striemen .

Een TSH-oma is een tumor die teveel TSH aanmaakt, waardoor de schildklier zwelt en teveel schildklierhormoon maakt, wat op zijn beurt leidt tot hartkloppingen, zenuwachtigheid, zweten, beven en vermagering.

Een gonadotrofinoom maakt teveel LH en/of FSH en dit kan leiden tot een ontregeling van de cyclus.

Een groeihormoon-producerend hypofysegezwel maakt teveel groeihormoon wat op jonge leeftijd aanleiding kan geven tot overgroei (gigantisme). Op oudere leeftijd kan je niet meer groeien, maar zie je wel dat handen, voeten en schedel groter worden, en zie je ook een verhoogd risico op hart- en vaatlijden (acromegalie).

Hypofysaire insufficiëntie.
Soms is er ook een onaangepast lage hoeveelheid hormoon waardoor allerlei problemen kunnen optreden. Bij een ACTH gebrek is er ook een gebrekkige aanmaak van cortisol, wat o.a. leidt tot moeheid en lage bloeddruk.
Bij een TSH gebrek wordt te weinig schildklierhormoon gemaakt,(hypothyroïdie) en dat kan leiden tot moeheid, lusteloosheid, haaruitval en gewichtstoename.

Bij een gebrekkige aanmaak van LH en of FSH kan bij vrouwen de cyclus verstoord zijn en bij mannen de aanmaak van testosteron tekort schieten waardoor een gebrek aan libido optreedt met erectiele stoornissen en infertiliteit. Bij een groeihormoontekort zie je veranderingen in de lichaams-samenstelling en de huid, en voel je je minder fit. Een veilige en effectieve groeihormoonvervangende therapie is hiervoor beschikbaar.

De achterkwab speelt een belangrijke rol in de waterbalans in ons lichaam en aandoeningen uiten zich in een

  • overmatige urineproductie
  • afwijkingen in de water- en zouthuishouding (diabetes insipidus, SIADH)

Bij hypofysegezwellen is er niet altijd sprake een overproductie van hormonen (niet functionele hypofysaire tumoren)
Endocrinologen doen ook de nodige testen die te maken hebben met de hormoonhuishouding om zo via medicijnen de balans te herstellen.
Soms is een heelkundige ingreep noodzakelijk, meestal via de neus/neusbijholten.

Bijnier

Bijnierziekten  en Paragangliomen

De 2 bijnieren (links en rechts) wegen ongeveer 5 gram, zijn enkele cm groot  en bestaan uit een bijnierschors(buitenkant) en een bijniermerg (binnenste).

Bijniertumoren zijn soms klein en onschuldig, maar ook soms kwaadaardig. Het onderscheid dient te worden gemaakt met beeldvormend onderzoek. Bijniertumoren kunnen verantwoordelijk zijn voor de overproductie van cortisol, aldosteron en mannelijk hormoon. Zelden worden ook andere hormonen geproduceerd.

Er zijn ook aangeboren afwijkingen met een stoornis in de aanmaak van hormonen, waaronder bijnierschorshyperplasie.

Bijnierschorshormoon

  • Onderproductie
    • Ziekte van Addison of bijnierschorsinsufficiëntie
  • Overproductie van steroïdhormonen
    • Hyperaldosteronisme(hypersecretie van aldosterone) ziekte van Conn
    • Cushingsyndroom(overproductie van glucocorticoïden)
    • Mannelijk hormoonproducerende tumoren (kan bij de vrouw leiden tot overdreven beharing of hirsutisme)

Bijniermerghormoon

  • Overproductie van adrenaline
  • Feochromocytoom

Paragangliomen

Dit zijn gezwellen die uitgaan van neuro-endocriene cellen die deel uitmaken van het autonome of onwillekeurig zenuwstelsel en komen vooral voor in de hals en de bijnieren. Ze kunnen catecholamines aanmaken, die bloedrukverhoging kunnen geven en andere klachten. De meeste zijn goedaardig, maar ze kunnen ook kwaadaardig zijn.

Schildklierproblemen

De schildklier is een klein vlindervormig  orgaan (ongeveer 10 gram) , onderaan in de hals te paard over de luchtpijp gelegen. Ze regelt de stofwisseling en verbranding in het lichaam.

Op commando van de hypofyse produceert ze meer of minder schildklierhormoon. Voldoende schildklierhormoon is erg belangrijk tijdens de zwangerschap.

Problemen zijn mogelijk met:

  • de werking van de schildklier
    • een tekort van het schildklierhormoon of hypothyreoïdie (vermoeidheid, gewichtstoename, vertraagde hartslag, moeilijker kouder verdagen)
    • teveel van het schildklierhormoon of hyperthyroïdie     (vermoeidheid, vermagering, warmte moeilijker verdragen, meer zweten, versnelde hartslag)
      Er kunnen ook problemen zijn met spierzwakte en emoties. De endocrinoloog helpt de gestoorde hormonale balans in evenwicht te brengen.
  • de vorm en samenstelling van de schildklier (te groot, knobbels of nodulen)
  • een combinatie van beide

Schildkliernodulen zijn vaak goedaardig maar soms ook kwaadaardig. De kwaadaardige schildkliertumoren vallen uiteen in de gedifferentieerde schildklierkankers en de medullaire en anaplastische schildklierkankers.

De laatste 2 zijn prognostisch minder gunstig en vaak moeilijker te behandelen. Kwaadaardige schildkliertumoren produceren bijna nooit teveel schildklierhormoon.
De endocrinoloog helpt de gestoorde hormonale balans in evenwicht te brengen.

U kunt op onze dienst terecht voor: onderzoek punctie en behandeling van schildkliernodulen, schildklierkankers of vergrote schildklieren.

De endocrinoloog werkt nauw samen met onder meer de radioloog, de specialist nucleaire geneeskunde, de neus-keel-oorarts en de radiotherapeut/oncoloog.

Enkele ziektebeelden:

  • Overproductie of teveel aan schildklierhormoon:
    • Ziekte van Graves
    • Multinodulaire goiter
    • Toxisch adenoom
    • Thyroïditis
    • Joodgeïnduceerde hyperthyroïdie
  • Tekort aan schildklierhormoon
    • Hashimoto-thyroïditis
    • Hypothyroïdie na radioactief joodbehandeling of na heelkunde
  • Schildklierkanker

Bijschildklier / calcium en botstofwisselingstoornissen

De 4 bijschildklieren liggen tegen achterzijde van de schildklier en wegen in totaal slechts 120 mg. Deze reguleren door middel van het parathormoon (bijschildklierhormoon) het calcium- en fosfaatgehalte in ons lichaam.

Bijschildkliertumoren zijn meestal goedaardig en produceren dan teveel bijschildklierhormoon (hyperparathyroïdie). Dit leidt tot een verhoogd kalkgehalte in het bloed (hypercalcemie) en het ontstaan van botontkalking  of osteoporose en nierstenen.

Soms komen dergelijke tumoren voor in het kader van een erfelijk tumorsyndroom, zoals MEN-1 of MEN-2. Dit wordt tijdens de raadpleging door de endocrinoloog nader onderzocht.

Een tekort aan bijschildklierhormoon of hypoparathyroïdie veroorzaakt hypocalcemie.

Osteomalacie is een aandoening waarbij het bot onvoldoende mineralen bevat. Aan de oorzaak hiervan ligt een gebrek aan of een gebrekkige werking van vitamine D.

De Ziekte van Paget is een focale botziekte waarbij de botstofwisseling sterk is verhoogd.

Daarnaast worden ook een resem meer zeldzame calcium- en fosfaatstoornissen gediagnosticeerd en behandeld: fosfaatdiabetes, PTH-resistentie, osteogenesis imperfecta ,fibreuze dysplasie

Voor de aanpak van bijschildklierproblemen werkt de endocrinoloog nauw samen met onder meer de radioloog, de specialist nucleaire geneeskunde en de neus-keel-oorarts.

Gonadale problemen – seksuele ontwikkeling

Eierstokken  of ovaria
Dit zijn de vrouwelijke geslachtsorganen die instaan voor de productie van eicellen en vrouwelijk hormonen.

Volgende ziektebeelden vinden hun origine ter hoogte van dit endocriene orgaan:

  • Polycystisch ovarieel syndroom (onregelmatige menses)
  • Mannelijk hormoonproducerende tumoren( met hirsutisme of overdreven beharing bij vrouw), virilisatie (vermannelijking)

Testikels of teelballen/andrologische problemen

De teelballen zijn de mannelijke geslachtsorganen die instaan voor de productie van zaadcellen en mannelijke hormonen.

Volgende ziektebeelden vinden hun origine ter hoogte van dit endocriene orgaan:

  • Hypogonadisme of een stoornis in de productie van mannelijk hormoon (testosteron) vruchtbaarheidsstoornissen
  • Impotentie
  • Erectiestoornissen
  • Klinefelter-syndroom
  • Gynaecomastie of overmatige borstontwikkeling bij jongens of mannen

Andrologie begeleidt onvruchtbare mannen, mannen met een verminderde vruchtbaarheid, mannen met seksuologische stoornissen.

Endocrinologen kunnen ,wanneer dit het gevolg is van een hormonaal onevenwicht of van een gestoorde klierwerking, onvruchtbaarheid verhelpen via een hormoonvervangende therapie.

Stoornissen van groei en puberteit

Endocrinologen behandelen bijvoorbeeld kinderen die te klein blijven of lijden aan andere groeistoornissen door endocriene problemen zoals een vertraagde of een te vroege puberteit, seksuele ambiguïteit …

Voor de kinderendocrinologie wordt er nauw samengewerkt met de afdeling pediatrie.

Neuro-endocriene tumorsyndroom

Uit de hormoonproducerende cellen van het diffuse endocriene systeem van de darm en van de endocriene cellen in de pancreas (alvleesklier) kunnen (veelal kwaadaardige) gezwellen ontstaan die klachten kunnen veroorzaken door zowel hun volume als door overproductie van hormonen. Welke klachten hangt veelal af van het soort hormoon dat teveel wordt aangemaakt.
Dit kan gaan van “diarree” en “warmteopellingen”, hoge en te lage bloedsuikerspiegels (hypoglycemie)  of klachten veroorzaakt door een teveel aan maagzuur.
Deze gezwellen kunnen uitzaaien naar de lymfeklieren en andere organen.
Ze worden multidisciplinair benaderd.

Andere zeldzame (genetische) hormonale syndromen

Een aantal ziekten worden  veroorzaakt door een afwijking in het erfelijk materiaal. Dit veroorzaakt stoornissen in meerdere klieren of hormoonsystemen. Bij patiënten met deze ziekten is het belangrijk dat de verschillende hormoonstoornissen gelijktijdig en geïntegreerd geëvalueerd en indien nodig behandeld worden. Bij een aantal van deze ziekten zullen ook familieleden gescreend en behandeld moeten worden door de endocrinoloog. Dit gebeurt in nauwe samenwerking met een specialist erfelijkheid (genetica).

Zo worden op de dienst endocrinologie volwassen patiënten gevolgd met:

  • Prader Willi syndroom
  • Ziekte van Albright
  • het syndroom van Turner
  • multipele endocriene neoplasie type 1 (MEN 1)
  • multipele endocriene neoplasie type 2 (MEN 2)
  • autoimmuun polyglandulair syndroom (APS)
  • feochromocytoma/paragangliomasyndroom

Diabetes (suikerziekte)

Bij diabetes type 1 produceert het lichaam onvoldoende insuline.
Bij diabetes type 2 is het lichaam ongevoelig voor insuline.

Hierdoor wordt suiker vanuit de voeding onvoldoende opgenomen in de lichaamscellen om daar als energiebron te dienen. Daardoor ontstaat een verhoging van het bloedsuikergehalte (hyperglycemie).

Samen met een hyperglycemie zien we vaak stoornissen in de bloedvetten (cholesterol) en de bloeddruk.

Het onder controle brengen van de bloedsuiker helpt om ernstige gevolgen van diabetes te voorkomen – zoals aantasting van de ogen, nieren en zenuwen. Dit kan leiden tot blindheid, dialyse (kunstnier), hartinfarct, of amputaties van een lidmaat.
Endocrinologen behandelen diabetes met aangepaste voeding en medicatie (waaronder insuline), in samenwerking met andere diabetesteamleden (diabetesverpleegkundige, diëtiste, podoloog, psycholoog) om zo ook samen met de patiënten de bloedsuikers te monitoren en onder controle te brengen.

De zorg voor diabetische voetletsels gebeurt bij GZA Ziekenhuizen gecoördineerd in onze diabetische voetkliniek.
Voetletsels zijn een ernstige verwikkeling van suikerziekte en  dienen zorgvuldig behandeld. De voetkliniek heeft er een gespecialiseerd multidisciplinair team voor.

Daarnaast kunt u bij ons ook terecht voor het instellen van een insulinebehandeling bij diabetesontregelingen , bij zwangerschapswens, bij het krijgen van zwangerschapsdiabetes, wanneer een intensievere behandeling met een insulinepomp nodig is (diabetespompconventie) of voor glucosesensormonitoring.

Obesitas of zwaarlijvigheid

Obesitas of zwaarlijvigheid komen meer en meer voor en zorgen voor heel wat gezondheidsproblemen, zoals  een verhoogd risico op, o.a. suikerziekte, hart- en vaatlijden, stoornissen in de vetstofwisseling, respiratoire insufficiëntie, slaapapnoesyndroom, gewrichtsproblemen, enz.

Er wordt samen met u een behandeling op uw maat opgesteld, gaande van kleine aanpassingen in levensstijl tot maagchirurgie. Dit gebeurt door een multidisciplinair team van ervaren artsen, diëtisten, verpleegkundigen en chirurgen.

De endocrinoloog behandelt ook patiënten met overgewicht en obesitas, meestal omwille van metabole en hormonale problemen. Schildklier, bijnieren, eierstokken en hypofysaire aandoeningen kunnen namelijk ook obesitas veroorzaken. De endocrinoloog zoekt naar factoren die verband houden met obesitas zoals insulineresistentie en genetische problemen (erfelijkheid).
Hormonale verwikkelingen geassocieerd met eet- en voedingsstoornissen behoren ook tot zijn onderzoeksveld, inclusief anorexia nervosa en boulemie.

Lipiden of vetmetabolisme

Bij hoge spiegels van een totaal cholesterol, LDL-cholesterol (sclechte cholesterol) en / of triglyceriden in het bloed is er een verhoogd risico op hart- en bloedvatenziekten (kransslagaders), beroerten of verlammingsverschijnselen en andere aandoeningen. Hypertensie of hoge bloeddruk  komt vaak samen voor met stoornissen in het vetgehalte en samen verhogen ze het risico op hart- en vaatziekten.

De endocrinoloog detecteert factoren die verband houden met deze stoornissen in het vetmetabolisme zoals hypothyreoïdie, sommige medicijnen (zoals steroïden) of genetische en metabole aandoeningen, waaronder het metabole syndroom, PCOS, en obesitas. Aangepaste voeding, lichaamsbeweging en medicatie kunnen voorgeschreven worden om deze hyperlipidemie en andere vetstoornissen onder controle te krijgen.

Stoornissen in de werking van het autonoom zenuwstelsel

Het deel van het zenuwstelsel dat instaat voor de snelle regeling van lichaamsprocessen zoals bloeddrukaanpassingen bij rechtkomen, voorstuwen van het voedsel in het maag-darmstelsel, erectie, ejaculatie, plassen, zweten in de warmte wordt het autonome zenuwstelsel genoemd.
Stoornissen in de werking van het autonoom zenuwstelsel zijn zeer divers en komen aan bod bij allerlei specialisten. Daar kan u terecht voor symptomatische behandeling.

Om na te gaan of er zich een meer veralgemeend probleem stelt met het autonoom zenuwstelsel, kan u terecht bij de endocrinoloog en de neuroloog.
De meest rechtstreekse manier om na te gaan of er een probleem is met het autonoom zenuwstelsel, zijn de zogenaamde autonome functietesten die worden uitgevoerd via de dienst endocrinologie.

Problemen met het autonoom zenuwstelsel kunnen optreden als gevolg van heel verschillende ziekten, zoals de ziekte van Parkinson, diabetes enzovoort.
Als het autonoom zenuwstelsel niet goed werkt, past de bloeddruk zich niet goed aan aan de omstandigheden. In liggende houding is de bloeddrukregeling betrekkelijk eenvoudig, in de zin dat er geen extra kracht moet worden uitgeoefend op het bloed om de hersenen te bereiken.

Zodra je rechtop gaat staan, moeten de bloedvaten wat vernauwen en het hartritme wat versnellen, omdat anders de bloeddruk te laag is in de hersenen, wat aanleiding kan geven tot duizeligheid, zwart voor de ogen en moeheid. Flauwvallen of syncope is een ander type probleem dat te maken kan hebben met een foutieve werking van het autonoom zenuwstelsel, met hartritmestoornissen of met neurologische stoornissen zoals epilepsie.

Als het autonoom zenuwstelsel niet goed werkt, ziet men ook soms dat het voedsel niet meer correct wordt voortgestuwd door het maag-darmkanaal. Dat geeft dan aanleiding tot een gevoel van volheid na de maaltijd en tot obstipatie. Paradoxaal treedt dan soms ook nachtelijke diarree op.
De plasfunctie kan ook verstoord raken met onvolledig leegplassen, overloopincontinentie en regelmatig voorkomen van blaasinfecties tot gevolg.
Teveel zweten (hyperhidrosis) en te weinig zweten (hypohidrosis) kunnen ook voorkomen als gevolg van een verstoorde werking van het autonoom zenuwstelsel, al kunnen hierin ook tal van andere ziekten en condities tussenkomen.
Dit alles wordt bestudeerd via de raadpleging endocrinologie en de autonome functietesten in samenwerking met de dienst cardiologie.