Met wie werken we samen?

Samenwerking met/tussen

Het centrum voor aangeboren hartaandoeningen positioneert zich als referentiecentrum voor de regio groot-Antwerpen waar patiënten snel terecht kunnen.

Ons team werkt nauw samen met andere afdelingen binnen GZA Ziekenhuizen, zoals de diensten Gynaecologie/verloskunde, Neonatologie,  Kindergeneeskunde, Cardiologie voor volwassenen.

  1. Voor de geboorte
    Vaak worden hartafwijkingen al vroeg in de zwangerschap ontdekt. Bij het vermoeden of vaststellen van een hartafwijking door de obstetricus wordt de aanwezige kindercardioloog in consult geroepen, waarbij eerst samen de echobeelden worden bekeken en geëvalueerd. Vervolgens worden de bevindingen uitgebreid gecommuniceerd en besproken (via schema’s, beelden en tekeningen) en zo nodig wordt een plan gemaakt voor het verdere beleid. Ook wordt besproken waar en hoe de bevalling kan gebeuren (meestal gepland). Dit alles hangt af van de ingeschatte nood aan snelle ondersteuning van de baby na de geboorte. Vervolgafspraken gedurende het verloop van de zwangerschap zijn dan bij voorkeur gecombineerd obstetrisch/kindercardiologisch, waarbij telkens de evolutie wordt bekeken en besproken, en zo nodig het plan aangepast. Bij geassocieerde foetale afwijkingen, of indien gedacht wordt aan een onderliggend genetisch defect, wordt ook een gesprek met de geneticus gepland. Wekelijks vinden ook de ‘MIC’ stafs plaats, waarop alle patiënten en hun verloop worden besproken in aanwezigheid van de obstetrici, de kindercardioloog en de neonatologen.

  2. Na de geboorte – opvang van een pasgeborene met een hartafwijking
    De opvang van een pasgeborene met een hartafwijking vraagt een bijzondere expertise en de afdeling neonatologie speelt hierin een cruciale rol. Meestal wordt één van de stafleden al prenataal betrokken zo nodig, of wordt aan de toekomstige ouders een rondleiding gegeven. Bij de (meestal) geplande geboorte wordt zo snel mogelijk een echocardiografie verricht om de diagnose te bevestigen of te vervolledigen, en wordt vervolgens de behandeling opgestart (bv. infuus zo ductus moet worden opengehouden, soms wordt tussenschot tussen voorkamers met een ballonnetje opengemaakt bij tranpositie van de grote vaten om menging van zuurstof te bekomen…). Dan wordt een planning gemaakt voor het verdere verloop en behandeling (interventionele cathe, cardiale chirurgie). Als alles stabiel verloopt wordt de baby pas daags voor de ingreep overgeplaatst naar het UZ Leuven. Dit laat de mama en het gezin toe dicht bij de pasgeborene te blijven. Ook na de ingreep wordt de baby zo snel mogelijk terug overgeplaatst (verder herstel, opklimmen voeding, …).  Ook is er een constante bereikbaarheid en beschikbaarheid voor transporten vanuit andere omliggende ziekenhuizen, waarbij de grootste aandacht wordt gegeven aan een correcte opvang en overplaatsing in aanwezigheid van een ervaren neonatoloog.

  3. Congenitale cardiologie voor volwassenen.
    De vooruitgang van zowel de congenitale hartchirurgie als de interventionele catheterisatie-  technieken hebben gezorgd voor een enorme verbetering in levensverwachting en levenskwaliteit van patiënten met een aangeboren hartafwijking. Tot een halve eeuw geleden bereikten slechts 30% van de kinderen met een ernstige hartafwijking de volwassen leeftijd, terwijl dit actueel op ongeveer 85% wordt geschat!

    Hierdoor groeit deze groep constant over de jaren. Deze patiënten hebben echter vaak levenslange gespecialiseerde opvolging nodig.

    Vaak is hierbij de hartafwijking zelf niet het grootste probleem, maar veelal problemen aangaande levenskwaliteit en psychosociale aspecten (invaliditeit, verzekering, vragen aangaande werk en mogelijkheid sportbeoefening, …), waardoor deze groep specifieke zorg behoeft. Eén van de specifieke aandachtspunten is bijvoorbeeld een mogelijke zwangerschap bij een jonge vrouw met een aangeboren afwijking, met alle bijbehorende problemen/vragen/aanpassingen (bv. specifiek beleid qua antistolling indien kunstklep). Aangepaste pre-zwangerschapcounseling en een doordacht beleid tijdens de zwangerschap zijn fundamentele componenten in de zorg voor deze patiënten.

    De zorg voor deze patiënten gebeurt in nauw overleg met de dienst congenitale cardiologie voor volwassenen in het UZ Leuven.

Samenwerking met andere ziekenhuizen of onderzoeksorganisaties

De dienst positioneert zich voor dit soort aandoeningen als het referentiecentrum voor de regio groot-Antwerpen en garandeert hiervoor een snelle service met constante beschikbaarheid. De dienst is "gecentraliseerd" in GZA campus  Sint-Augustinus.  Naast een belangrijke band binnen de eigen campussen (campus Sint-Vincentius, campus Sint-Jozef), het zorgnetwerk ‘met zorg verbonden’, is er een belangrijk netwerk erbuiten, met consulentschappen in meerdere ziekenhuizen uit de regio (AZ Turnhout, HH Lier, ZNA Jan Palfijn, Sint-Jozef Malle, Klina Brasschaat).

Er is een historisch sterke samenwerking met de diensten kindercardiologie (Prof. Dr. M. Gewillig),  congenitale cardiologie voor volwassenen (Prof. Dr. W. Budts) en cardiochirurgie (Prof. Dr. B. Meyns) van het Universitair Ziekenhuis Gasthuisberg Leuven, waar ook alle invasieve diagnostiek en interventies (catheterisatie en chirurgie) gebeuren.