Diagnostisch traject

De behandelende arts of huisarts kan een patiënt doorverwijzen naar de pijnklinieken op de campussen Sint-Augustinus en Sint-Vincentius. De artsen van deze pijnklinieken zijn namelijk ook de artsen van het Multidisciplinair pijncentrum.

Het startpunt van een diagnostisch traject is steeds een consultatie bij een pijnarts. Een patiënt kan niet worden behandeld door één van de andere medewerkers van het Multidisciplinair pijncentrum zonder gezien te zijn door één van de pijnartsen.

Tijdens de eerste consultatie heeft de pijnarts niet enkel aandacht voor de medische klachten maar luistert die ook naar indicaties voor het opstarten van een multidisciplinaire behandeling. De pijnarts kan beslissen om een patiënt door te sturen voor een diagnostisch traject naar het multidisciplinair pijncentrum.

Het diagnostisch traject bestaat uit een initiële screening door de pijnarts en de pijnverpleegkundige. Na deze screening bespreken de pijnarts en de pijnverpleegkundige of er een bijkomende screening door andere medewerkers van het multidisciplinair team van het MPC nodig is.

De bijkomende screening kan gebeuren door de psycholoog en/of ergotherapeut en/of kinesitherapeut en/of sociaal werker.

Vervolgens bespreken de verschillende medewerkers van het multidisciplinair pijncentrum de bevindingen en resultaten uit het diagnostisch traject tijdens een multidisciplinair overleg. Daarop is de patiënt niet aanwezig. Er wordt tijdens dat overleg een behandeladvies en/of -plan opgesteld.

Ter afsluiting van het diagnostisch traject komt de patiënt op consultatie bij de pijnverpleegkundige. Tijdens deze consultatie bespreekt de verpleegkundige samen met de patiënt de resultaten van de screening en het voorgesteld behandelplan en/of -advies.