Kwaadaardige gezwellen en aandoeningen (Oncologie): Borstkanker

Borstkanker is de meest voorkomende soort kanker bij vrouwen. 1 op 9 Belgische vrouwen krijgt tijdens haar leven borstkanker.

Anatomie van de borst

De borst bestaat uit klierkwabjes (= lobulus) die via de klierbuizen (=ductus) de melk bij de borstvoeding afvoeren naar de tepel. Behalve uit klierweefsel bestaat de borst uit vet- en steunweefsel. Huidweefsel begrenst de borst naar buiten toe, spierweefsel vormt de diepe grens naar de borstkas.  De aanwezige bloed- en lymfevaten vervolledigen de samenstelling.

Lymfevaten zijn vergelijkbaar met bloedvaten, in die zin dat ze lymfevocht vervoeren in de plaats van bloed. Lymfevocht is een heldere vloeistof die o.a. immuuncellen (= afweercellen) bevat. Deze cellen spelen een cruciale rol in de verdediging tegen infecties. De lymfevaten van de borst komen voor het grootste deel samen in lymfeknopen van  de oksel.

 

Wat is borstkanker?

Borstkanker is de meest voorkomende soort kanker bij vrouwen. 1 op 9 Belgische vrouwen krijgt tijdens haar leven borstkanker.

Bij borstkanker ontstaat er een kwaadaardige tumor in de borst. Borstkanker (mammacarcinoom) ontstaat in de regel in cellen van het klierweefsel of van de melkgangetjes. Eerst groeit het gezwel in het weefsel waarin het is ontstaan, later doorbreekt het die grens en groeit het verder in de weefsels rond de klierbuizen en klierkwabjes, zoals het vet- en steunweefsel. Het kan ook in de tepel groeien, in de huid of aan de borstspier vastgroeien. Borstkanker komt vooral voor bij vrouwen tussen de 50 en 70 jaar, maar het kan ook op andere leeftijden voorkomen. Soms (5-10 %) is er sprake van een erfelijke voorbeschikkende factor.

Ook mannen kunnen kanker in de borst krijgen: ongeveer 1 % van de mensen met borstkanker is man.

Vrouw ligt op bed van de afdeling oncologie

Oorzaken van borstkanker

Het is niet zondermeer duidelijk waardoor borstkanker ontstaat. Bij een klein deel (5-10 %) van de patiënten is de belangrijkste oorzaak een genetische voorbeschikking (mutatie) in één van de zogenaamde borstkankergenen (BRCA 1 of 2 bijvoorbeeld). Deze vormen van borstkanker zijn dus erfelijk. De meeste borstkankers zijn echter niet veroorzaakt door (gekende) erfelijke factoren. In 10-20 % van de gevallen is er wel een duidelijke familiale belasting (van andere familieleden met borstkanker), maar kan er geen erfelijke factor aangetoond worden.

Er zijn wel een aantal risicofactoren beschreven, waarvan wordt aangenomen dat ze een invloed zouden kunnen hebben op het ontwikkelen van borstkanker:

  • Op jonge leeftijd de eerste menstruatie en op late leeftijd de overgang
  • Geen kinderen krijgen of pas na het 35ste jaar de eerste zwangerschap
  • Langdurig gebruik van orale anticonceptiepil en/of langdurig gebruik van hormoonpreparaten tegen overgangsklachten
  • Ongezonde leefstijl: te weinig bewegen, teveel alcohol, roken en overgewicht.

Symptomen en tekens van borstkanker

Wanneer je de volgende veranderingen zelf opmerkt, is het verstandig om naar de huisarts te gaan:

  • Een knobbeltje of deukje in de borst
  • Recent ingetrokken tepel
  • Verandering van de tepel: roodheid, schilfertjes of een plekje dat op eczeem lijkt
  • Bloederig of bruin tepelvocht
  • Pijn in de borst waar ook het weefsel iets anders aanvoelt
  • Een wondje van de huid dat niet geneest
  • Een borst die warm aanvoelt en rood verkleurd is
  • Zwelling in de oksel

Hoe snel kan ik bij GZA terecht als ik borstkanker heb?

De borstkliniek is ondertussen uitgegroeid tot één van de grootste borstkankercentra in België. Dankzij deze samenwerking kunnen patiënten voor dringende afspraken snel terecht bij de borstkliniek: voel je een knobbeltje, dan kan je binnen de 24 uur op raadpleging komen bij één van onze borstspecialisten.

Gespecialiseerd borstkankerteam

In de borstkliniek werkt een team van specialisten nauw samen met elkaar om je de beste zorg te kunnen geven. Gezamenlijk beoordelen de teamleden welke behandeling voor jou de beste is. Dat doen we aan de hand van de meest recente richtlijnen, de nieuwste inzichten en resultaten uit wetenschappelijk onderzoek, en op basis van jouw specifieke situatie. Deelname aan klinisch wetenschappelijk onderzoek is geïntegreerd in de werking van de borstkliniek. Uiteraard bepaal je zelf mee je behandelplan.

Ons team bestaat uit:

  • Borstchirurg
  • Medisch oncoloog
  • Radiotherapeut
  • Verpleegkundig consulent
  • Radioloog
  • Patholoog-anatoom
  • Plastisch chirurg
  • Oncopsycholoog

Onderzoek en diagnose: hoe wordt borstkanker vastgesteld?

Als je een knobbeltje in je borst voelt of als bij het bevolkingsonderzoek iets afwijkend is ontdekt, ga dan eerst naar de huisarts. Als je een verwijzing hebt gekregen, maak je een afspraak bij de borstkliniek.

De chirurg of de verpleegkundig consulent bepalen altijd in overleg met jou welke onderzoeken noodzakelijk zijn om een diagnose te stellen en vervolgens een behandelplan te kunnen opstellen. Onderstaande onderzoeken kunnen, maar hoeven niet altijd uitgevoerd te worden.

  • Echografie
  • Mammografie
  • MRI
  • Punctie
  • Biopsie
  • MRI-geleide biopsie
  • Stereotactisch biopt
  • Harpoenering
  • Schildwachtknoop onderzoek
  • PET/CT-scan
  • Tru-cut biopsie
  • Fijne naaldpunctie
  • Mammotoombiopsie
  • Stagingonderzoeken.

Soorten borstkanker

Er zijn goedaardige en kwaadaardige tumoren. Als de tumor kwaadaardig is spreken we over kanker. Goedaardige tumoren groeien niet door andere weefsels heen en verspreiden zich niet in het lichaam. De meest voorkomende vormen van goedaardige tumoren zijn onder andere een fibroadenoom, een cyste en een lipoom.

Goedaardige tumoren

Er zijn goedaardige en kwaadaardige tumoren. Als de tumor kwaadaardig is spreken we over kanker. Goedaardige tumoren groeien niet door andere weefsels heen en verspreiden zich niet in het lichaam. De meest voorkomende vormen van goedaardige tumoren zijn onder andere een fibroadenoom, een cyste en een lipoom.

Mastopathie

Veel vrouwen hebben last van pijnlijke borsten die regelmatig gespannen aanvoelen en nauwelijks aanraking verdragen. Bij mastopathie zijn één of meer knobbels in het borstweefsel te voelen. Het borstklierweefsel voelt vaak onregelmatig aan. De borsten kunnen heel gespannen zijn en groter worden. Soms is er afscheiding uit de tepel(s) of kunnen er cysten ontstaan (cysteuze mastopathie).

Gynaecomastie

Bij mannen kan om verschillende uiteenlopende redenen (o.a. medicatiegebruik) een opzetting ontstaan van het klierweefsel, niet te verwarren met vetophoping bij obesitas.

Voorstadium van kanker

DCIS

Ductaal carcinoom in situ is een voorstadium van borstkanker dat ontstaat in de melkgangen van de borst en wordt gezien op een mammografie met kalkspatjes (=calcificaties). Er zijn dan afwijkende cellen ontstaan in het melkgangstelsel van de borst. Deze ontspoorde cellen blijven delen. Hoe snel ze delen kan sterk verschillen. De cellen zijn niet binnengedrongen in het omliggende weefsel. De behandeling van DCIS heeft als doel het ontstaan van borstkanker te voorkomen. Behandeling van DCIS bestaat uit het operatief verwijderen van dit letsel, eventueel gevolgd door een bestraling.

Kwaadaardige tumoren

We spreken van kwaadaardige tumoren indien de kankercellen zich verder verspreiden dan de plek waar ze zijn ontstaan en dus het vet- en steunweefsel binnendringen (invasief). Dit is niet hetzelfde als uitgezaaide borstkanker. Bij uitgezaaide borstkanker verspreiden de kankercellen zich buiten de borst en oksel. Niet alle kanker in de borst is van eenzelfde soort. Er zijn met andere woorden verschillende vormen van borstkanker, met wisselend beloop en wisselend effect van behandelingen. Er kunnen zich in één borst verschillende soorten kanker tegelijk voordoen, bijvoorbeeld zowel een ductaal als een lobulair carcinoom.

Invasief ductaal carcinoom

Een invasief ductaal carcinoom ontstaat in de melkgangen en kan daarbuiten verdergroeien. Het invasief ductaal carcinoom is de meest voorkomende vorm van borstkanker en kan aanvoelen als een harde knobbel.

Invasief lobulair carcinoom

Een invasief lobulair carcinoom ontstaat in de melkklieren. De tumor is vaak alleen te voelen als een algehele zwelling van de borst.

 

Hormoongevoelige borstkanker

Dit heet ook wel hormoon-positieve borstkanker. Hormoongevoelig betekent dat oestrogeen, het belangrijkste vrouwelijke hormoon, de tumorcellen kan stimuleren om te vermenigvuldigen (of te delen). Indien deze hormonen de tumor niet kunnen stimuleren om te groeien, wordt gesproken van hormoonongevoelige borstkanker. Dat is belangrijk om te weten voor de behandeling, omdat hormonale therapie enkel werkt bij hormoongevoelige borstkanker.

HER2/neu-gevoelige borstkanker

HER2/neu is een eiwit dat op de tumorcellen zit. Het wordt ook wel HER2 genoemd. Dit staat voor Humane Epidermale groeifactor Receptor2. Als er teveel van dit eiwit op een tumorcel aanwezig is, wordt de groei ervan gestimuleerd. We spreken dan van Her2/neu-positieve kanker. Dit is belangrijk om weten, omdat er medicijnen zijn die zich specifiek op dit eiwit richten. Deze doelgerichte therapie werkt enkel bij HER2/neu-positieve borstkanker. Deze vorm van borstkanker behandelen we best altijd eerst met medicatie alvorens we overgaan tot een operatie.

Triple-negatieve borstkanker

Wanneer de kankercellen negatief zijn voor oestrogeenreceptoren, progesteronreceptoren en HER2/neu, spreken we van triple negatieve borstkanker: drie keer afwezig dus. Bij deze vorm van borstkanker hebben antihormonale therapie en anti-HER2 medicatie geen effect.

IBC

Inflammatoir borstcarcinoom is een vorm van zeldzame maar zeer agressieve, snelgroeiende borstkanker. Bij deze borstkanker vertoont de borst tekens van ontsteking en is dus rood, warm, opgezwollen en pijnlijk. De gezwollen huid lijkt op een sinaasappelschil. In tegenstelling tot een infectie van de borst is hier geen koorts en is er geen beterschap onder antibiotica.

Behandelmogelijkheden

Plaatselijke behandeling

Heelkunde

Voor welke operatie we kiezen hangt af van de grootte van de tumor en je borst, de soort borstkanker en in hoeverre de ziekte verspreid is. Ook jouw voorkeur als patiënt speelt hierbij een doorslaggevende rol. Bij een goedaardige aandoening zal de chirurg enkel het letsel wegnemen. Hij/zij maakt daarvoor een insnede die zo klein mogelijk is en esthetisch het minst gevolgen heeft. Meestal zal de operatie onder algemene verdoving of ‘narcose’ gebeuren. Het verblijf in het ziekenhuis is over het algemeen beperkt tot één dag. In sommige gevallen brengt men na de ingreep een plastic buisje of mini-‘drain’ aan om het bloed- en/of wondvocht af te voeren.

  • Operatie van de borst: de operatieve mogelijkheden zijn een borstsparende operatie (tumorectomie) of borstverwijderende (mastectomie of borstamputatie) operatie. Na een borstverwijderende procedure kan een borstreconstructie plaatsvinden die door de plastisch chirurg wordt uitgevoerd.
  • Operatie van de lymfeknopen in de oksel: een operatie in de oksel kan bestaan uit een sentinel node procedure of okselknoopuitruiming.
Radiotherapie

Uitwendige bestraling

Na de borstsparende operatie volgt altijd een reeks bestralingen als onderdeel van de behandeling. Deze behandeling heeft als doel het verhinderen dat de ziekte in de borst terugkomt om je zo optimale genezingskansen te bieden. De behandeling met radiotherapie wordt al meer dan 100 jaar toegepast. De effecten hiervan zijn bekend. De stralen bereiken de tumor en vernietigen de resterende tumorcellen. Gezonde cellen worden hierbij ook geraakt, maar hun weerstand en herstelvermogen is groter.

De behandelingsduur wordt individueel bepaald en kan variëren van 3 tot 6 weken, meestal 5 dagen per week met uitzondering van het weekend. Tijdens de behandeling bespreek je regelmatig de stand van zaken met jouw radiotherapeut-oncoloog.

Intraoperatieve radiotherapie (IORT)

In sommige gevallen kunnen we tijdens de operatie éénmalig bestralen. Dankzij deze techniek wordt een enkele dosis straling heel precies gericht op de plaats van de verwijderde tumor, zonder neveneffecten op het omliggende weefsel. Deze vorm van bestraling vervangt de 6 bestralingssessies aan het einde van de klassieke uitwendige bestraling.

Brachytherapie

Dit is een extra dosis inwendige bestraling op de plaats waar de tumor zich bevond, na de uitwendige bestraling van de volledige borst, om de kans op terugkeren van de tumor nog te verkleinen.

Behandeling van het hele lichaam

Chemotherapie

Chemotherapie is de behandeling van kanker met celdodende of celdelingremmende medicijnen: cytostatica. Er zijn verschillende soorten cytostatica, elk met een eigen werking en bijwerkingen. Chemotherapie kunnen we als aanvullende behandeling geven. Dit kan voor of na een operatie.

Doelgerichte therapie

Immunotherapie: als je een vorm van borstkanker hebt met bepaalde kenmerken (triple negatief, of HER2+ ) en een aanvullende behandeling met chemotherapie krijgt, kan je ook behandeld worden met immunotherapie.

Hormoontherapie

Als je een hormoongevoelige tumor hebt kunnen we dit behandelen met anti-hormonale therapie.

Klinische studie

Deelname aan GZA-eigen en internationale studies wordt gefaciliteerd in de borstkliniek door de integratie met het klinisch trial bureau (cto@gza.be) en de translationele onderzoeksgroep (trcu@gza.be), beide gelokaliseerd op campus Sint-Augustinus .