Materniteit, verloskamer en neonatologie campus Sint-Vincentius: Wetenschappelijke info

Moedervriendelijke zorg

In 2006 behaalden we het BFHI-label, dat staat voor Baby-Friendly Hospital Initiative of Babyvriendelijk Ziekenhuisinitiatief. Dit label, uitgereikt door WHO/UNICEF, werd sindsdien elke 4 jaar hernieuwd.

Daarnaast streven we als ziekenhuis ook met trots naar een Moedervriendelijk beleid. Net zoals het Babyvriendelijk Ziekenhuisinitiatief, is het Mother-Friendly Childbirth Initiave (MFCI), bedoeld om ziekenhuizen zorg te laten verlenen die “moedervriendelijk” is.

Het MFHI steunt op 5 hoekstenen:

De normaliteit van het geboorteproces: Geboorte is een normaal en natuurlijk proces. Het meest optimale zorgmodel voor moeder en kind ondersteunt en beschermt dit normale geboorteproces.

Empowerment: Het vertrouwen van de vrouw en haar vermogen om te bevallen en om voor haar baby te zorgen, worden beïnvloed door elke persoon die haar zorg verleent en door de omgeving waarin ze bevalt. De onderlinge verbondenheid van moeder en baby is van vitaal belang en moet gerespecteerd worden.

Autonomie: Elke vrouw zou de kans moeten krijgen om een gelukkige geboorte-ervaring te hebben. Ze moet kunnen bevallen zoals ze wenst in een omgeving waarin ze zich veilig voelt en waarin haar emotionele welzijn, privacy en persoonlijke voorkeuren gerespecteerd worden. Ze zou toegang moeten hebben tot een ruime keuze aan opties voor haar zwangerschap, bevalling en het voeden van haar baby. Alsook moet ze juiste en recente informatie krijgen over de voordelen en risico’s van alle procedures, medicatie en testen die aangeboden worden. Ze zou bovendien ondersteund moeten worden in het maken van geïnformeerde keuzes over wat het beste is voor haar en haar baby, gebaseerd op haar individuele waarden en overtuigingen.

Breng geen schade toe: Interventies zouden niet routinematig uitgevoerd mogen worden gedurende zwangerschap, bevalling en kraamperiode. Als er complicaties optreden, moeten de medische behandelingen gebaseerd zijn op de meest recente en kwaliteitsvolle richtlijnen en onderzoeken. 

Verantwoordelijkheid: Elke zorgverlener is verantwoordelijk voor de kwaliteit van zorg die hij of zij verleent. De zorg gedurende de kraamtijd mag niet gebaseerd zijn op de noden van de zorgverleners, maar enkel op de noden van moeder en kind. Elk ziekenhuis is verantwoordelijk voor het regelmatig evalueren en controleren van de effectiviteit, risico’s en percentages van hun medische procedures. Dit moet gebeuren volgens het huidige wetenschappelijk bewijs. Moeders zijn uiteindelijk zelf verantwoordelijk voor het maken van geïnformeerde beslissingen over de gezondheidszorg die zij en hun baby’s ontvangen.

Wat is nu "Moedervriendelijke zorg"?

Om beschouwd te worden als “moedervriendelijk”, moet een ziekenhuis zich inzetten om moeders wetenschappelijk onderbouwde zorg te verlenen gedurende arbeid en bevallig, in een respectvolle omgeving. Moedervriendelijke zorg biedt een vrouw de vrijheid en mogelijkheid om geïnformeerde keuzes te maken. Dit zal haar ook helpen om meer zelfvertrouwen te krijgen om nadien haar kind te (borst)voeden en verzorgen.

Om hieraan te voldoen, moet een ziekenhuis de tien vuistregels nastreven die opgesteld werden door The Coalition for Improving Maternity Services (CIMS).

De 10 vuistregels voor Moedervriendelijke Zorg:

  1. Bevallende vrouwen worden toegelaten om continu emotioneel en fysiek ondersteund te worden door personen die zij zelf kiest, waaronder ook doula’s en zelfstandige vroedvrouwen;
  2. Het ziekenhuis biedt openlijk juiste statistische informatie van haar praktijken en procedures rond geboortezorg, waaronder cijfers van interventies en uitkomsten;
  3. Zorg wordt aangeboden met respect voor de geloofsovertuigingen en waarden van elke vrouw, ongeacht haar etniciteit en religie;
  4. Vrouwen krijgen de vrijheid om te bewegen zoals zij wensen en alle houdingen naar keuze aan te nemen tijdens de arbeid en bevalling, tenzij een complicatie een specifieke houding zou vereisen;
  5. Er is een goede samenwerking en communicatie met andere zorginstanties tijdens de perinatale periode. Waaronder ook overleg tussen de verschillende zorgverleners (bv. als overdracht naar een ander ziekenhuis noodzakelijk is). Duidelijke informatie over zorg na de bevalling wordt aangeboden, inclusief welke zorg nodig zou zijn als er complicaties zouden optreden bij de baby. Moeder en baby worden doorverwezen naar de juiste prenatale en postnatale opvolging en borstvoedingsondersteuning;
  6. Interventies worden beperkt en enkel wetenschappelijke onderbouwde (“evidence-based”) procedures worden gehanteerd. Daarnaast worden handelingen en procedures die niet wetenschappelijk onderbouwd zijn, niet routinematig toegepast. Zoals scheren, toedienen van een lavement, plaatsen en toedienen van een infuus, nuchter houden of verbieden van eten en drinken, vroegtijdig breken van de vliezen en continue monitoring van de harttonen. Andere interventies worden gelimiteerd, waarbij streefdoelen worden vooropgesteld. Met name:
    • Inductie ("inleiding"): 10% of minder
    • Episiotomie ("knip"): 20% of minder (met als doel 5% of minder)
    • Keizersnede:10-15% of minder
    • Vaginale geboorte na keizersnede: 60% of meer (met als doel 75% of meer);
  7. Personeel wordt opgeleid in het aanbieden van alternatieve en niet-medicamenteuze pijnbestrijding. Het gebruik van medicatie wordt enkel gepromoot in geval van complicaties;
  8. Moeders worden aangemoedigd om hun baby aan te raken, vast te houden en te borstvoeden. Ook wanneer hun baby ziek of te vroeg geboren werd en voor zo maximaal als dit mogelijk is;
  9. Besnijdenis van de pasgeborene wordt ontraden;
  10. Het behalen van het WHO/UNICEF BFHI-label (Baby Friendly Hospital Initiative) volgens de tien vuistregels om een succesvolle borstvoeding te helpen garanderen, wordt nagestreefd.

 

BRONNEN:

Lothian, J. A. (2007). Advancing Normal Birth. Journal of Perinatal Education16(1), 1S–4S. DOI:10.1624/105812407X173119

Coalition for Improving Maternity Services (CIMS) (2021, 26 april). MFCI. Motherfriendly. http://www.motherfriendly.org/MFCI

Bevallingshoudingen

In films en tv-series zien we vooral beelden voorbijkomen van vrouwen die bevallen op hun rug. Het liggend op de rug met de benen omhoog of in de beensteunen, ook wel lithotomiehouding genoemd, is daardoor waarschijnlijk de bekendste bevallingshouding in Vlaanderen. Deze houding wordt veel gebruikt omdat gynaecologen en vroedvrouwen in deze positie alles goed kunnen zien, makkelijk kunnen ingrijpen als het misloopt en het hartritme van het kindje makkelijk kunnen beluisteren. Uit onderzoek blijkt echter dat sommige barende vrouwen deze houding als pijnlijker ervaren, er vaker een kunstverlossing nodig is en het hartritme van het kindje frequenter afwijkt van het normale (1,2,6). Daarom is dit niet voor iedereen de ideale positie en is het, als alles goed gaat, dus ook niet nodig om op je rug te bevallen. We nemen als gynaecologen en vroedvrouwen met veel plezier zelf vreemde houdingen aan om alsnog alles te kunnen zien en doen. We werken in ons ziekenhuis bovendien steeds met draadloze monitors waardoor we ook in andere houdingen het hartje van jullie kindje goed kunnen beluisteren.

Naast ruglig bestaan er dus nog heel wat andere goede bevallingshoudingen zoals zijlig, geknield, hurkend, rechtopstaand en zittend op de baarkruk of op handen en knieën. Deze posities hebben als voordeel dat er geen druk is op het staartbeentje en dit dus vrij naar achter kan bewegen om net dat iets meer plaats voor je kindje te maken. Zo zagen onderzoekers dat de bekkenuitgang van vrouwen die al hurkend persen tot 20% groter is (2). Verticale houdingen hebben ook als voordeel dat de vrouw perst in de richting van de zwaartekracht (1,2,3). In deze posities duurt het persen dan meestal ook minder lang dan in ruglig (1).

Een andere houding die vrouwen vaak als comfortabel ervaren is het persen op handen en knieën of geknield leunend over de bed- of badrand. Deze positie heeft als voordeel dat na de geboorte van het hoofdje de schouders vlotter volgen, dat er minder pijn ervaren wordt (6), en dat het minder vaak nodig is om vaginale scheurtjes te hechten (2,4). Ook bevallen op de zij beschermt het perineum en de vagina tegen inscheuren (2). Het kan dus een voordeel zijn om in één van deze houdingen te bevallen.

In de praktijk zien we dat in welke houding een vrouw het beste kan persen afhankelijk is van de situatie en van de vrouw zelf. Als een vrouw dit wil en als alles goed gaat kunnen we tijdens het persen daarom ook meerdere houdingen proberen zodat zij kan aanvoelen wat voor haar het makkelijkste is. Deze aanpak komt overeen met de uiteindelijke conclusie van de gevoerde onderzoeken en van de Wereldgezondheidsorganisatie: er is niet één specifieke ideale

bevalhouding, het is vooral belangrijk dat de vrouw de houding aanneemt die voor haar beste aanvoelt (1,2,3,5,6).

 

BRONNEN:

1) Dedavid da Rocha, B., Zamberlan, C., Foletto Pivetta, H. M., Zimmermann Santos, B ., Sales Antunes, B. (2020). Upright positions in childbirth and the prevention of perineal lacerations: a systematic review and meta-analysis. Revista da Escola de Enfermagem da USP, 54, e03610. DOI: 10.1590/S1980-220X2018027503610

2) Huang, J., Zang, Y., Ren, L., Li, F., Lu, H. (2019). A review and comparison of common maternal positions during the second-stage of labor. International Journal of Nursing Sciences, 6(4), 460-467. DOI: 10.1016/j.ijnss.2019.06.007

3) Gupta, J.K., Sood, A., Hofmeyr, G.J., Vogel, J.P. (2017).Position in the second stage of labour for women without epidural anaesthesia. The Cochrane Database of Systematic Reviews, 5(5). DOI:10.1002/14651858.CD002006.pub4

4) Zhang, H., Shu, Y., Zhao, N., Lu, Y., Chen, M., Li, Y., Wu, J., Huang, L., Guo, X., Yang, Y., Zhang, X., Zhou, X., Guo, R., Li, J., Cai, W. (2016). Comparing maternal and neonatal outcomes between hands-and-knees delivery position and supine position. International Journal of Nursing Sciences, 3(2). DOI:10.1016/j.ijnss.2016.05.001

5) World Health Organization. (2018). WHO recommendations: intrapartum care for a positive childbirth experience. Geneva. Licence: CC BY-NC-SA 3.0 IGO.

6)  National Institute for Health and Care Excellence. (2017). Intrapartum care for healthy women and babies. Geraadpleegd van https://www.nice.org.uk/guidance/cg190

7) Zang, Y., Lu, H., Zhang, H., Ren, L., Li, C. (2020). Effects of upright positions during the second stage of labour for women without epidural analgesia: A meta-analysis. Journal of Advanced Nursing, 76(12), 3293-3306. DOI:10.1111/jan.14587

Colostrum

Colostrum, het vloeibare goud  

De eerste moedermelk wordt colostrum genoemd, deze melk is stroperig van textuur en heeft meestal een lichte tot okergele kleur. Dit is één van de redenen waarom colostrum ook wel het vloeibare goud genoemd wordt. Al verwijst deze term vooral naar de bijzondere voedzame en beschermende werking ervan.

Colostrum zit vol eiwitten, vitamines, mineralen en de nodige suikers. Door deze grote hoeveelheid voedzame stoffen zijn kleine beetjes colostrum reeds genoeg om je baby de eerste dagen van voldoende voeding  te voorzien (1,2,3,4,5). Ook heeft het een laag vetgehalte waardoor het heel makkelijk verteerbaar is. Op deze manier is colostrum dus goed afgestemd op het kleine maagje van je kindje (4).

Naast het feit dat colostrum de beste voedingswaarde heeft voor een pasgeborene, heeft het nog een belangrijkere functie. Het helpt je baby met de opbouw van een goed immuunsysteem en zorgt voor bescherming tegen ziektes (1,2,3,4,5,6,7,8). Zo bevat het veel belangrijke IgA-antistoffen die zich als een beschermend laagje over de darmwand leggen en zorgen dat de ziekteverwekkers waar je als mama ooit mee in aanraking kwam, al uitgeschakeld worden voordat ze in het bloed van je kindje kunnen terechtkomen (1,6,7,8). Ook bevat colostrum heel veel witte bloedcellen. Deze beschermen je baby op twee manieren: ze helpen hem een eigen afweersysteem op te bouwen en vallen binnendringende ziekteverwerkers actief aan (1,8).

Een andere belangrijk eigenschap ven colostrum is dat het laxerend werkt en er zo voor zorgt dat de taaie zwarte ontlasting, meconium genoemd, makkelijker wordt uitgescheiden (2,4,5). Daardoor wordt de kans op geelzucht kleiner. Colostrum beschermt je kindje bovendien tegen lage bloedsuikers (2,9). Zo zag men in onderzoek dat colostrum 10% suiker bevat in vergelijking met 5% in kunstvoeding (9).

Niet alleen voor voldragen baby’s maar ook voor prematuurtjes vanaf 32 weken biedt colostrum veel voordelen. Dit omdat de samenstelling ervan zich aanpast aan de zwangerschapsduur. Daarnaast is de lichte verteerbaarheid van colostrum net bij deze kindjes extra belangrijk omdat hun darmen nog minder goed ontwikkeld zijn (10). Het blijkt zelfs dat te vroeg geboren baby’s die colostrum kregen, vaak een betere gezondheid hadden dan degenen die op een andere manier gevoed werden (2).

Omwille van al deze voordelen beveelt het WHO colostrum aan als de beste eerste voeding voor elke pasgeborene (3). Als team en Babyvriendelijk Ziekenhuis staan we hier volledig achter. Indien je dit wenst, zullen we jullie dan ook zo goed mogelijk begeleiden bij de start van de borstvoeding zodat je kindje mee kan profiteren van dit vloeibare goud.

 

BRONNEN:

1) Thapa, B. R. (2005). Health Factors in Colostrum. Indian Journal of Pediatrics, 72(7), 579-581. DOI: 10.1007/BF02724182

2) La Leche League. (2021, 9 juni). Colostrum: General. https://www.llli.org/breastfeeding-info/colostrum-general/

3) World Health Organization. (2007). First Food First. https://www.who.int/nutrition/topics/world_breastfeeding_week/en/#:~:text=WHO%20universally%20recommends%20colostrum%2C%20a,quantity%20and%20rich%20in%20antibodies.&text=Colostrum%20needs%20to%20start%20in%20the%20first%20hour.

4) La Leche League. (2021, 9 juni). Groei van de pasgeboren baby. https://www.lalecheleague.nl/borstvoeding-abc/artikel/154-groei-van-de-pasgeboren-baby

5) Kind en Gezin. (2021, 9 juni). Voeding en beweging: Borstvoeding. https://www.kindengezin.be/voeding-en-beweging/borstvoeding/belang/

6) Pribylova, J., Krausova, K., Kocourkova, I., Rossmann, P., Klimesova, K., Kverka, M., Tlaskalova-Hogenova, H. (2012). Colostrum of healthy mothers contains broad spectrum of secretory IgA autoantibodies. (2012). Journal of Clinical Immunology, 32(6), 1372-1380. DOI: 10.1007/s10875-012-9733-9

7) La Leche League. (2021, 9 juni). Immunologie van moedermelk.  https://www.lalecheleague.nl/borstvoeding-abc/artikel/125-immunologie-van-moedermelk

8) Hassiotou, F., Hepworth, A., Metzger, P., Tat Lai, C., Trengove, N., Hartmann, P. E., Filgueira, L. (2013). Maternal and infant infections stimulate a rapid leukocyte response in breastmilk. Clinical & Translational Immunology, 2(4), e3. DOI: 10.1038/cti.2013.1

9) La Leche League. (2021, 9 juni). Glucose, ofwel suikerwater, na de geboorte.  https://www.lalecheleague.nl/borstvoeding-abc/artikel/110-glucose-ofwel-suikerwater-na-de-geboorte

10) La Leche League. (2021, 9 juni). Premature baby. https://www.lalecheleague.nl/borstvoeding-abc/artikel/173-premature-baby