Patiëntenrechten

Patiëntenrechten

Jouw rechten als patiënt. Wat mag je van ons verwachten?

Je hebt als patiënt een aantal wettelijke rechten. We gaan hier graag met jou over in dialoog om aan jouw verwachtingen naar een warme en kwaliteitsvolle zorg te voldoen. Het betreffen volgende rechten:

Recht op kwaliteitsvolle dienstverlening

Je hebt als patiënt steeds recht op een goede, zorgvuldige en kwaliteitsvolle zorg in functie van de huidige medische kennis en beschikbare technologie. Dit betekent niet dat aan al jouw mogelijke individuele behoeften moet worden voldaan, wel dat je recht hebt op de best mogelijke zorg in vergelijking met de op dat moment geldende standaarden. Daarnaast betekent dit recht ook dat jouw morele, culturele, religieuze en filosofische overtuigingen te allen tijde gerespecteerd moeten worden.

Recht op vrije keuze van zorgverstrekker

Je kiest als patiënt in principe zelf je zorgverstrekker en je kan deze keuze steeds herzien. Elke patiënt heeft daarnaast ook het recht om een tweede opinie in te winnen bij een andere zorgverstrekker. Dit recht op vrije keuze van de zorgverstrekker blijft ook van toepassing wanneer je naar een andere zorgverstrekker wordt doorverwezen. Door de omstandigheden eigen aan de organisatie van de gezondheidszorg kan je als patiënt evenwel niet altijd vrij de zorgverlener(s) die bij jouw behandeling worden betrokken kiezen. We denken hierbij aan een spoedopname, het feit dat er maar één specialist beschikbaar is door een wachtregeling, het werken in teamverband, de toewijzing van verpleegkundigen aan een bepaalde dienst, enzovoort. Deze organisatorische maatregelen maken dat je als patiënt in de praktijk niet steeds je recht op vrije keuze volledig zal kunnen uitoefenen.

Recht om geïnformeerd te worden over jouw gezondheidstoestand en de evolutie ervan
Je wenst informatie over je diagnose en prognose

Je hebt als patiënt steeds recht op alle informatie die nodig is om een inzicht te verkrijgen in je gezondheidstoestand en in de vermoedelijke evolutie ervan.

Dit betekent dat de zorgverleners je binnen hun bevoegdheden tijdig moeten informeren over je diagnose (ook al is deze negatief), de vermoedelijke evolutie ervan (prognose), de aangewezen medicatie, mogelijke behandelingen, etc...  Verder moet je ook op de hoogte worden gebracht van welk gedrag er in jouw situatie wenselijk is (bv. risico’s bij zwangerschap etc…).

Meestal zal je mondeling geïnformeerd worden. Je kan ook vragen om schriftelijk geïnformeerd te worden of om deze gezondheidsinformatie (ook) aan je vertrouwenspersoon mee te delen. Meer informatie over de vertrouwenspersoon vind je onder punt 9 met betrekking tot het recht op bijstand van een vertrouwenspersoon en vertegenwoordiging.

Je wenst geen informatie over je diagnose en prognose

Naast het recht op duidelijke informatie over de gezondheidstoestand (diagnose, prognose,..), heb je in principe ook het recht om deze informatie te weigeren. Dit noemt men ook het recht om niet te weten. Dit recht is onafhankelijk van de vraag of de aandoening al dan niet behandelbaar is. De zorgverlener zal je wens respecteren en noteren in je patiëntendossier. Je kan eventueel wel beslissen dat de informatie mag worden meegedeeld aan je vertrouwenspersoon.

De therapeutische exceptie

De zorgverstrekker kan uitzonderlijk ook beslissen bepaalde informatie (diagnose, prognose) tijdelijk niet mee te delen, wanneer hij meent dat die informatie je gezondheid op dat moment ernstig kan schaden (“therapeutische exceptie” genoemd). Dit dient de zorgverstrekker steeds in overleg met zijn collegae te beslissen. Wanneer je een vertrouwenspersoon hebt aangesteld, dan moet ook deze persoon hiervan op de hoogte worden gebracht. Bovendien moet de zorgverstrekker (in de regel de arts) dit ook schriftelijk motiveren in zijn medisch dossier.

Recht om geïnformeerd, voorafgaandelijk en vrij toe te stemmen in iedere tussenkomst van de zorgverstrekker
Recht om uitdrukkelijk of stilzwijgend toe te stemmen

Geen enkele behandeling, diagnostisch of therapeutisch kan in principe worden gestart of worden verdergezet zonder jouw uitdrukkelijke of stilzwijgende toestemming. Tenzij de behandeling geen medisch nut meer heeft, moet men ook bij de stopzetting van een behandeling jouw toestemming vragen.

Opdat je op correcte wijze zou kunnen toestemmen of weigeren moet de zorgverlener jou vooraf en tijdig de nodige informatie verstrekken. Je moet inderdaad over voldoende tijd beschikken om je te kunnen informeren en om desgevallend een second opinion in te winnen.

De bedoelde informatie omvat het doel van de behandeling, de aard, de graad van urgentie, de frequentie, de tegenindicaties, de nevenwerkingen, de mogelijke relevante risico’s, de noodzaak aan nazorg, de financiële gevolgen, mogelijke alternatieven, alsook de mogelijke gevolgen van een weigering.

In sommige gevallen kan jouw toestemming uit jouw gedragingen worden afgeleid (bv. je steekt je arm uit voor een bloedafname), doch meestal moet je alvorens men een bepaalde behandeling zal starten of verderzetten uitdrukkelijk mondeling toestemmen.

Zowel jij als de zorgverlener kunnen ook vragen om de toestemming schriftelijk te bevestigen.  In dat geval zal dit schriftelijke toestemmingsdocument (of schriftelijk “informed consent”) aan jouw patiëntendossier worden toegevoegd.

Recht om te weigeren of om je toestemming in te trekken

Je hebt als patiënt steeds de mogelijkheid om een bepaalde behandeling te weigeren of om je toestemming in te trekken. Zorgverleners moeten deze weigering respecteren. In dat geval zal de zorgverlener jou wel informeren over de mogelijke gevolgen van de weigering, doch hij/zij zal jouw weigering of intrekking steeds respecteren.

Onder bepaalde voorwaarden kan je ook voorafgaand – voor het geval je wilsonbekwaam wordt bv. door coma of dementie – bepaalde behandelingen weigeren. Dit dient te worden vastgelegd in een schriftelijke wilsverklaring die je best aan je medisch dossier laat toevoegen.

Onmogelijkheid om toestemming te geven

Bij een spoedgeval (bv. door ongeval met bewusteloosheid), waarbij het voor de zorgverleners onmogelijk is om de wil van de patiënt of diens vertegenwoordiger te achterhalen, zullen de zorgverleners steeds alle nodige behandelingen instellen die nodig zijn in het belang van je gezondheid.

Zodra echter jouw toestand het weer toelaat, of van zodra men jouw vertegenwoordiger heeft kunnen bereiken, moet jij of je vertegenwoordiger voor de (verdere) behandelingen wel weer toestemmen.

Recht op informatie omtrent de verzekering en vergunning van de zorgverstrekker

Je hebt als patiënt het recht om van de zorgverlener te vernemen of hij/zij beschikt over een verzekeringsdekking of een andere vorm van bescherming met betrekking tot zijn/haar beroepsaansprakelijkheid. Je hebt tevens het recht om te weten of je zorgverlener gemachtigd is om het beroep uit te oefenen (cfr. door visum, inschrijving bij het RIZIV of de Orde van Artsen).

Recht op een zorgvuldig bijgehouden patiëntendossier, met mogelijkheid tot inzage en afschrift
De inhoud van het patiëntendossier

Een patiënt kan meerdere patiëntendossiers hebben: bij de huisarts, de tandarts, bij de thuisverpleegkundige, maar ook in het ziekenhuis. Van elke patiënt wordt dan ook binnen ons ziekenhuis een (elektronisch) patiëntendossier bijgehouden dat op een veilige manier wordt bewaard.

Een patiëntendossier in een ziekenhuis bestaat (minimaal) uit een medisch dossier en een verpleegkundig dossier. Het medisch dossier bevat bijvoorbeeld ‘de persoonsgegevens van de patiënt’, ‘de familiale en persoonlijke antecedenten’, ‘de voorlopige en definitieve diagnose’, ‘het eventueel operatief en anesthesieprotocol’, ‘een overzicht van de huidige ziektegeschiedenis’, ‘de uitslagen van onderzoeken’, ‘de adviezen van geconsulteerde geneesheren’, ‘de ingestelde behandeling’, ‘de evolutie van de aandoening’, ‘een afschrift van het ontslagverslag’ en zo meer. Het medisch dossier dient dertig jaar bewaard te worden, het verpleegkundig dossier twintig jaar.

Je kan ook steeds vragen dat bepaalde stukken (bv. een wetenschappelijk artikel, een document waarin je een vertrouwenspersoon aanduidt, een document waarin je een vertegenwoordiger aanduidt, een voorafgaande wilsverklaring, …) aan je dossier worden toegevoegd. 

Recht op inzage en afschrift (kopie) van je patiëntendossier

Je hebt als patiënt het recht om rechtstreeks je patiëntendossier in te kijken, maar ook op een afschrift (kopie) van het geheel of een gedeelte van het dossier. Je kan je bij de inzage van het dossier of bij het aanvragen van een afschrift laten bijstaan door de vertrouwenspersoon. Je kan het inzagerecht ook alleen laten uitoefenen door de vertrouwenspersoon (zie verder).

Je krijgt hierbij toegang tot alle delen van het dossier die je wenst, behoudens de gegevens met betrekking tot derden en de persoonlijke notities van de beroepsbeoefenaar (zorgverlener).

Om inzage in of een afschrift van je patiëntendossier te verkrijgen, dien je een verzoek te richten tot de behandelende arts of tot de hoofdarts. Binnen de 15 dagen na dit verzoek moet er gevolg aan verleend worden.

Indien je het inzagerecht of het recht op afschrift door een vertrouwenspersoon laat uitoefenen, of indien je je bij de inzage wenst te laten bijstaan door een vertrouwenspersoon, dient het verzoek schriftelijk te worden geformuleerd. De volledige identiteitsgegevens van deze vertrouwenspersoon dienen dan vermeld te worden. Is je vertrouwenspersoon een zorgverstrekker, dan heeft hij ook toegang tot de persoonlijke notities.

Inzage na overlijden

Na het overlijden van een patiënt kunnen de echtgenoot, de wettelijk of feitelijk samenwonende partner of een bloedverwant tot en met de tweede graad (de ouders, de kinderen, de broers en zussen, de grootouders en de kleinkinderen) onder bepaalde voorwaarden het dossier van de overleden patiënt onrechtstreeks door een aangeduide zorgverstrekker laten inzien.


Deze inzage kan enkel worden verleend wanneer:

  • de overleden patiënt zich tijdens het leven niet heeft verzet tegen een dergelijke inzage;
  • het verzoek tot inzage voldoende gemotiveerd en gespecificeerd werd: de aangevoerde motieven moeten hierbij belangrijk genoeg zijn om een uitzondering toe te staan op het normaal geldend recht op privacy van de overledene;
  • het inzagerecht is beperkt tot de gegevens die verband houden met de door de familieleden opgegeven reden.

Een afschrift (kopie) van het patiëntendossier kan na overlijden nooit worden afgeleverd.

Recht op bijstand en vertegenwoordiging of een vertrouwenspersoon

Je hebt als patiënt de mogelijkheid een vertrouwenspersoon en/of vertegenwoordiger aan te duiden. Belangrijk te weten is dat er een onderscheid bestaat tussen deze figuren.

De vertrouwenspersoon: staat de wilsbekwame patiënt bij!

Een vertrouwenspersoon staat de wilsbekwame patiënt, zijnde de patiënt die zelf nog volledig zelfstandig zijn rechten kan uitoefenen, bij. Hij neemt geen beslissingen in de plaats van de patiënt. De rol die de vertrouwenspersoon vervult is beperkt tot:

Hoe duid je een vertrouwenspersoon aan?

De vertrouwenspersoon kan door jou als patiënt zowel formeel als informeel worden aangeduid. Een informele aanduiding wil zeggen dat je de zorgverlener meedeelt wie jouw vertrouwenspersoon is, die dit vervolgens registreert in jouw patiëntendossier.

Echter onder bepaalde omstandigheden, bijvoorbeeld wanneer men het recht op inzage of afschrift van het patiëntendossier wil laten uitoefenen door de vertrouwenspersoon, dan moet dit verzoek schriftelijk door de patiënt geformuleerd worden. Deze formele aanduiding van de vertrouwenspersoon kan via het document “aanwijzing van een vertrouwenspersoon” (zie model op www.patientrights.be of op www.vlaamspatientenplatform.be). Je kan als patiënt ook op elk moment beslissen om je aanwijzing van vertrouwenspersoon in te trekken of te wijzigen. Bij een formele aanwijzing doe je dit best schriftelijk.

De vertegenwoordiger: vervangt de wilsonbekwame patiënt!

Een vertegenwoordiger is de persoon die inzake de uit te oefenen patiëntenrechten in de plaats van de patiënt optreedt wanneer de patiënt feitelijk of juridisch niet in staat is deze rechten zelf uit te oefenen omdat hij wilsonbekwaam is.

In de regel gaat het dan over:

  • de minderjarige;
  • de meerderjarige onder het wettelijk statuut van verlengd minderjarige of de onbekwaamverklaarde meerderjarige;
  • de meerderjarige die volgens de zorgverlener feitelijk niet meer in staat is zijn/haar wil te uiten (bv. personen in een coma of met dementie).

Wie zal de patiëntenrechten uitoefenen?

Hierbij moeten we een onderscheid maken tussen enerzijds de minderjarige, de verlengd minderjarige en de onbekwaamverklaarde en anderzijds de meerderjarige die volgens de zorgverlener feitelijk niet in staat is zijn wil te uiten.

Minderjarigen, verlengd minderjarigen en onbekwaamverklaarden:

  • Voor de minderjarige, de verlengd minderjarige of de onbekwaamverklaarde geldt dat de uitoefening van de patiëntenrechten toebehoort aan de ouders of aan de voogd(en).
     
  • Is de minderjarige in staat zijn rechten geheel of gedeeltelijk op zelfstandige wijze uit te oefenen dan kan de zorgverlener beslissen dat hij zelf zijn rechten uitoefent in zoverre de minderjarige in staat is zelf zijn belangen op redelijke wijze te beoordelen. Deze mogelijkheid bestaat niet voor personen onder het statuut van verlengde minderjarigheid of onbekwaamverklaring. Zij worden wel zoveel mogelijk, in verhouding tot hun begripsvermogen, betrokken bij de uitoefening van hun rechten.

Meerderjarigen die feitelijk niet (meer) bekwaam zijn hun wil te uiten:

  • Voor de meerderjarige die volgens de zorgverlener feitelijk niet meer in staat is zijn wil te uiten bestaat de mogelijkheid om voorafgaand een formele (of benoemde) vertegenwoordiger aan te duiden. Je kan als patiënt op het ogenblik dat je nog wilsbekwaam bent een formele (of benoemde) vertegenwoordiger aanduiden die in jouw plaats zal optreden zolang je niet in staat bent zelf je patiëntenrechten uit te oefenen. Het is hierbij wel de bedoeling dat deze vertegenwoordiger jouw wil vertolkt en optreedt in jouw belang. De aanduiding van een formele, zelf gekozen, vertegenwoordiger dient schriftelijk te gebeuren via het formulier “aanwijzing van een vertegenwoordiger” (zie model op www.patientrights.be of op www.vlaamspatientenplatform.be). Deze aanduiding kan te allen tijden ook steeds worden ingetrokken.
     
  • Heb je geen formele vertegenwoordiger aangeduid of kan/wenst deze niet op te treden dan voorziet de wet in een specifieke volgorde (cascade) van informele (of familiale) vertegenwoordigers. Zo zullen de patiëntenrechten van een wilsonbekwame patiënt die geen formele vertegenwoordiger heeft, in eerste instantie worden uitgeoefend door (1) de samenwonende echtgenoot, de wettelijk samenwonende partner of de feitelijk samenwonende partner. Indien deze er niet is of niet wenst op te treden dan zullen de rechten in dalende volgorde worden uitgeoefend door (2) een meerderjarig kind, (3) een ouder en (4) een meerderjarige broer of zus van de patiënt. Indien ook deze laatsten ontbreken of niet wensen op te treden zal de betrokken zorgverstrekker de belangen van de patiënt behartigen en dit na multidisciplinair overleg. Dit laatste zal ook het geval zijn wanneer er bijvoorbeeld meerdere kinderen, ouders of broers of zussen zijn die een andere wil hebben. Bij een dergelijk conflict zal ook weer de betrokken zorgverlener de belangen van de patiënt behartigen en dit na multidisciplinair overleg.
Recht op bescherming van jouw privacy

Als patiënt heb je bij elke tussenkomst van de zorgverstrekker recht op de bescherming van je persoonlijke privacy. Dit betekent dat je met de nodige discretie verzorgd zal worden en dat alleen personen die beroepshalve bij de behandeling horen, aanwezig zullen zijn. Voor alle andere personen is jouw toestemming als patiënt steeds vereist.

Er is bovendien ook bescherming van de ruimtelijke privacy: bij iedere tussenkomst moeten de lokalen van de zorgverlener voldoende intimiteit aan de patiënt bieden.

Verder betekent het recht op privacy ook dat er geen informatie in verband met je gezondheid aan derden mag worden meegedeeld, behalve wanneer er een wettelijke uitzondering hiervoor is of wanneer het van belang is in het kader van de volksgezondheid of de rechten en vrijheden van anderen. Informatie met betrekking tot jouw gezondheidstoestand wordt immers principieel beschermd door het medisch beroepsgeheim.  Wanneer er bij jou een besmettelijke ziekte wordt vastgesteld, zal de arts bijvoorbeeld wel verplicht zijn om zowel jou als de dienst Volksgezondheid in te lichten, opdat de gepaste maatregelen genomen zouden kunnen worden.

Ook in het kader van verzekeringen tracht de Wet Patiëntenrechten jou verder te beschermen. Verzekeringen trachten immers steeds vaker medische informatie te verkrijgen die dan bepalend is voor het verkrijgen van een verzekering.  In die zin bepaalt de Wet Patiëntenrechten dat ook de zorgverleners niet langer verplicht zijn om op jouw vraag een geneeskundige verklaring af te leggen voor een verzekeringsovereenkomst. Bovendien mogen verklaringen enkel nog worden afgelegd over de huidige gezondheidstoestand, niet over het verleden noch over de toekomst (genetica). Ook worden deze verklaringen enkel afgeleverd aan de adviserend geneesheer en betreft het hier enkel informatie die relevant is voor het te dekken risico.

Elke patiënt kan via de hoofdarts inzage vragen in het privacyreglement van het ziekenhuis. Dit reglement bevat onder meer informatie over welke persoonsgegevens verwerkt kunnen worden, door wie en op welke manier. Via het openbaar register van de Belgische Privacycommissie, zijn eveneens de privacy-aangiften van GZA Ziekenhuizen te raadplegen.

De informatie over jouw gezondheidstoestand wordt bewaard bij verschillende zorgverleners en zorginstellingen. Om een kwaliteitsvolle zorg te garanderen, is het belangrijk dat onze zorgverleners alle relevante informatie kunnen raadplegen.

Het ‘e-Health platform’ maakt een beveiligde elektronische gegevensuitwisseling mogelijk indien jij althans als patiënt jouw toestemming hiertoe registreert. Onze medewerkers kunnen deze registratie ook in jouw naam uitvoeren. Zij zullen hiervoor bij opname jouw toestemming vragen.

Meer gedetailleerde informatie omtrent de werking van dit platform vind je op de website www.ehealth.fgov.be.   

Recht op pijnbehandeling en spirituele zorgverlening

Je hebt als patiënt recht op aangepaste zorg om je pijn te voorkomen, er aandacht voor te hebben, te evalueren, in aanmerking te nemen, te behandelen en te verzachten. De zorgverlener moet de patiënt ook informeren over het vermijden en bestrijden van pijn.

Recht op klachtenbemiddeling

Wanneer je van oordeel bent dat één van jouw rechten als patiënt geschonden werd of indien je niet tevreden bent over de geleverde diensten, kan je steeds klacht indienen bij de ombudsdienst, ook wel bemiddelingsdienst genoemd.

De ombudsdienst zal naar jouw klacht luisteren en trachten te bemiddelen tussen alle betrokken partijen. Zonder partij te kiezen zullen de bemiddelaars trachten mee te zoeken naar een oplossing.  Wordt deze niet gevonden dan word je geïnformeerd over mogelijke andere stappen.  Je behoudt ook steeds het recht om los van de bemiddelingsdienst jouw aanspraken te doen gelden. Echter, door gebruik te maken van de tussenkomst van de bemiddelingsdienst, wordt vaak een moeilijk, lang en duur proces vermeden, en kan veelal een bevredigende oplossing worden gevonden.

De bemiddelaars werken volledig onafhankelijk. Zij stellen zich steeds neutraal en onpartijdig op. Zij dragen luisterbereidheid hoog in het vaandel, en houden steeds rekening met het perspectief van alle betrokken partijen.

Het beroepsgeheim geldt bovendien ook ten aanzien van de bemiddelaars. De zaken die hen door de patiënt en de zorgverlener worden toevertrouwd in het kader van een bemiddeling, worden strikt vertrouwelijk behandeld en worden onder geen beding aan derden meegedeeld.  De gegevens die in het kader van een klacht worden verzameld, worden bovendien slechts bewaard gedurende de tijd die nodig is om het dossier af te handelen. Meer informatie vind je op onze website bij info over onze bemiddelaars op onze website.

Het “e-Health platform” maakt een beveiligde elektronische gegevensuitwisseling mogelijk wanneer je als patiënt jouw toestemming hiertoe registreert. Meer informatie.

Wat mogen wij van jou en jouw bezoekers verwachten?

Informeer en help je zorgverleners.

Geef steeds zo volledig mogelijke informatie over jouw gezondheid en jouw medicatiegebruik, en probeer zo goed mogelijk mee te werken aan je behandeling. Wanneer je niet op een afspraak kunt komen, laat dit dan op voorhand weten zodat andere patiënten in jouw plaats geholpen kunnen worden.

Respecteer de bezoekuren en de rust in het ziekenhuis.

Rust is de beste heelmeester. Omdat we onze patiënten een spoedig herstel wensen, vragen we ook jouw hulp (en van jouw bezoekers) om de rust in ons ziekenhuis te verzekeren. Tussen 14 en 20 uur openen we de deuren van onze verpleegafdelingen voor bezoekers. De tijd daarvoor en daarna reserveren we voor de zorg en de rust van onze patiënten. Denk je aan een bezoekje buiten de bezoekuren? Overleg dan eerst met de hoofdverpleegkundige. Op bepaalde diensten zoals intensieve zorg geldt een speciale regeling. Deze vind je aan de ingang van de dienst of lees je hier.

Rook in de voorziene plaatsen.

In het ziekenhuis mag niet gerookt worden. Roken kan steeds op de hiervoor bestemde plaatsen.

Gebruik je gsm waar het kan.

Binnen onze muren ben je mobiel even bereikbaar als daarbuiten. Enkel op diensten die werken met gevoelige medische apparatuur vragen we je om je gsm uit te schakelen. Je herkent deze diensten aan het verbodsteken bij hun ingang.

Ga zorgzaam om met de omgeving en het materiaal.

Draag zorg voor het materiaal in het ziekenhuis. Laat ook geen materiaal rondslingeren en gooi afval in de vuilnis. Laat waardevolle zaken thuis, want het ziekenhuis kan de veiligheid ervan niet garanderen.

Ga zorgzaam om met elkaar.

Een ziekenhuisomgeving veroorzaakt soms spanning en stress. Juist in die omstandigheden is het belangrijk dat wij rustig en respectvol met elkaar blijven omgaan. Ook woorden kunnen kwetsen.